Financieel-economisch strafrecht

Wordt u of uw onderneming verdacht van een economisch of fiscaal strafbaar feit? Of krijgt u te maken met een onderzoek door de FIOD, NVWA of een andere opsporingsdienst? Financieel-economische strafzaken kunnen grote gevolgen hebben voor zowel personen als ondernemingen.

Deze zaken bevinden zich vaak op het grensvlak van strafrecht, toezicht en bestuursrecht. Het onderzoek kan bijvoorbeeld gaan over administratie, belastingaangiften, vergunningen, bedrijfsvoering of de naleving van bijzondere regels. Daarbij kunnen verhoren, doorzoekingen en beslag plaatsvinden.

Terpstra | Albayrak Strafrechtadvocaten staat verdachten door heel Nederland bij in financieel-economische strafzaken. Wij beoordelen welke regels van toepassing zijn, welke gedraging precies wordt verweten en of het bewijs voldoende is om een strafbaar feit te bewijzen.

Wet op de economische delicten (WED)

De Wet op de economische delicten (WED) speelt een belangrijke rol binnen het economisch strafrecht. De WED bevat niet één afzonderlijk strafbaar feit, maar bepaalt onder meer welke overtredingen van bijzondere wet- en regelgeving als economisch delict strafbaar zijn.

Het kan bijvoorbeeld gaan om regels op het gebied van milieu, voedsel en waren, landbouw, dierenwelzijn, bedrijfsvoering en vergunningen.

In een WED-zaak moet daarom eerst worden vastgesteld welk voorschrift volgens het Openbaar Ministerie is overtreden en op welke manier die overtreding strafbaar is gesteld.

Misdrijf of overtreding?

Niet ieder economisch delict is juridisch hetzelfde. De WED maakt onderscheid tussen misdrijven en overtredingen. Bij verschillende economische delicten is daarbij van belang of het feit opzettelijk is begaan.

Wanneer opzet vereist is voor de kwalificatie als misdrijf, moet kunnen worden bewezen dat de verdachte opzet had op de gedraging die in strijd was met het betreffende voorschrift. Het onderscheid tussen een misdrijf en een overtreding kan gevolgen hebben voor de mogelijke straf en de behandeling van de zaak.

Fiscaal strafrecht en belastingfraude

Niet iedere fout in een belastingaangifte leidt tot een strafzaak. Fiscale onregelmatigheden kunnen bestuursrechtelijk worden afgedaan, bijvoorbeeld met een belastingaanslag en een bestuurlijke boete. Bij ernstigere verdenkingen kan in plaats daarvan voor strafrechtelijke vervolging worden gekozen.

Voor dezelfde feiten geldt in beginsel dat niet zowel een bestuurlijke boete wordt opgelegd als strafrechtelijke vervolging plaatsvindt. Dit wordt het una-via-beginsel genoemd. Bij meerdere of samenhangende gedragingen moet per zaak worden beoordeeld hoe dit beginsel uitwerkt.

Een fiscale strafzaak kan bijvoorbeeld gaan over het opzettelijk doen van een onjuiste of onvolledige belastingaangifte, het niet voldoen aan fiscale verplichtingen of een onjuiste administratie. Van belang kan zijn welke informatie is verstrekt, wie daarvoor verantwoordelijk was en wat de verdachte wist of beoogde.

Een eerder gedane aangifte kan onder omstandigheden nog worden verbeterd. Dit wordt ook wel inkeer of vrijwillige verbetering genoemd. Of daarvan sprake is en welke gevolgen dit heeft, hangt onder meer af van het moment waarop de aangifte wordt verbeterd en van wat de belastingplichtige op dat moment wist of redelijkerwijs kon weten.

Wanneer een fiscaal onderzoek aanleiding geeft tot een verdenking van bijvoorbeeld valsheid in geschrift, fraude of witwassen, kunnen daarnaast andere strafbare feiten in beeld komen. Meer hierover leest u bij Fraude & witwassen.

Onderzoek door de FIOD

De Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) doet strafrechtelijk onderzoek naar onder meer fiscale en financiële criminaliteit.

Tijdens een onderzoek kan de FIOD verdachten en getuigen verhoren, administratie en digitale gegevens onderzoeken en onder de daarvoor geldende voorwaarden doorzoekingen verrichten en goederen of gegevens in beslag nemen.

Dat de FIOD een onderzoek is gestart, betekent niet dat daarmee vaststaat dat een strafbaar feit is gepleegd. Ook in een FIOD-onderzoek moet worden beoordeeld wat de verdenking precies inhoudt en welk bewijs daarvoor aanwezig is.

Uitgenodigd voor een FIOD-verhoor

Wanneer u door de FIOD wordt uitgenodigd voor een verhoor, is het belangrijk om eerst vast te stellen of u als verdachte of bijvoorbeeld als getuige wordt gehoord.

Een verdachte heeft zwijgrecht en recht op een advocaat. In fiscale zaken kan daarnaast een verplichting bestaan om bepaalde informatie aan de Belastingdienst te verstrekken. Informatie die eerder in dat kader is verstrekt, kan onder voorwaarden ook een rol spelen in een strafrechtelijk onderzoek.

Het kan daarom verstandig zijn om vóór een FIOD-verhoor te bespreken wat de verdenking inhoudt en welke proceshouding passend is.

Meer hierover leest u bij Aanhouding & politieverhoor.

FIOD-inval, doorzoeking en beslag

Een FIOD-onderzoek kan gepaard gaan met een doorzoeking van een woning, kantoor of bedrijfspand. Daarbij kunnen bijvoorbeeld administratie, computers, telefoons, gegevensdragers, geld of andere goederen in beslag worden genomen.

Een doorzoeking kan grote gevolgen hebben voor een onderneming en de betrokken personen. Tegelijkertijd gelden voor opsporingshandelingen wettelijke voorwaarden. Het is daarom belangrijk om te beoordelen op welke grond de doorzoeking en eventuele inbeslagneming hebben plaatsgevonden en wat uit het verkregen materiaal daadwerkelijk kan worden afgeleid.

Tegen beslag bestaan in bepaalde gevallen juridische mogelijkheden. Meer hierover leest u bij Beslag.

Onderzoek door de NVWA en NVWA-IOD

Ook de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) kan betrokken zijn bij onderzoek naar overtredingen. Het kan bijvoorbeeld gaan om regels rond voedselveiligheid, landbouw, veehouderij, meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen en productveiligheid.

Ook boeren en andere agrarische ondernemers kunnen te maken krijgen met een NVWA-controle of strafrechtelijk onderzoek. Een verdenking kan bijvoorbeeld gaan over de verzorging of huisvesting van dieren, dierenwelzijn, dierenverwaarlozing of andere regels binnen een veehouderij of agrarisch bedrijf.

Een NVWA-controle leidt niet automatisch tot een strafzaak. Afhankelijk van de overtreding kan de NVWA bijvoorbeeld een waarschuwing of bestuurlijke maatregel opleggen. Bij ernstige overtredingen kan ook strafrechtelijk worden opgetreden.

De NVWA heeft daarnaast een eigen Inlichtingen- en Opsporingsdienst: de NVWA-IOD. Deze dienst doet strafrechtelijk onderzoek naar ernstigere en complexere zaken.

Het Functioneel Parket

Strafrechtelijke onderzoeken van bijzondere opsporingsdiensten zoals de FIOD en NVWA-IOD worden veelal uitgevoerd onder gezag van het Functioneel Parket, een gespecialiseerd onderdeel van het Openbaar Ministerie.

De officier van justitie beslist over de strafrechtelijke vervolging en de wijze waarop de zaak wordt afgedaan.

Illegaal vuurwerk en het vuurwerkverbod

Sinds 1 augustus 2026 geldt in Nederland een landelijk verbod op consumentenvuurwerk. Consumenten mogen in beginsel geen consumentenvuurwerk meer kopen, bezitten of afsteken. Licht vuurwerk uit categorie F1, zoals sterretjes, is uitgezonderd. Voor bepaalde georganiseerde activiteiten kan onder voorwaarden een ontheffing worden verleend.

Overtredingen van de vuurwerkregels kunnen als economisch delict strafbaar zijn. Een vuurwerkzaak kan bijvoorbeeld gaan over het bezit, de opslag, handel of het afsteken van vuurwerk in strijd met de geldende regels.

De soort en hoeveelheid vuurwerk en de omstandigheden waaronder het is aangetroffen of gebruikt, kunnen belangrijk zijn voor de strafzaak. Wordt vuurwerk gebruikt bij bijvoorbeeld een explosie, brandstichting, vernieling of geweld, dan kunnen daarnaast andere strafbare feiten aan de orde zijn.

Onderneming, bestuurder en feitelijk leidinggeven

Niet alleen personen, maar ook ondernemingen zoals een BV kunnen strafrechtelijk worden vervolgd. Daarbij moet worden beoordeeld of het strafbare handelen aan de onderneming kan worden toegerekend.

Ook bestuurders, leidinggevenden of werknemers kunnen onder omstandigheden persoonlijk worden vervolgd, bijvoorbeeld wegens feitelijk leidinggeven. Het enkele feit dat iemand bestuurder, directeur of eigenaar is, is daarvoor niet voldoende. Van belang is wat iemand daadwerkelijk heeft gedaan, wat diegene wist en welke verantwoordelijkheid hij of zij binnen de onderneming had.

Bestuursrecht én strafrecht

Bij financieel-economische zaken kunnen verschillende vormen van handhaving een rol spelen. Een toezichthouder kan bijvoorbeeld een waarschuwing, boete of andere bestuurlijke maatregel opleggen. Bij ernstigere verdenkingen kan ook strafrechtelijk onderzoek plaatsvinden.

Het verschil is belangrijk. In een strafrechtelijk onderzoek heeft een verdachte onder meer zwijgrecht. Bij een controle door een toezichthouder kunnen juist verplichtingen bestaan om informatie te verstrekken of mee te werken.

Het kan daarom belangrijk zijn om vroegtijdig vast te stellen vanuit welke bevoegdheid informatie wordt gevraagd en wat uw positie op dat moment is.

Welk bewijs speelt een rol?

Financieel-economische strafzaken kunnen omvangrijke dossiers opleveren. Het bewijs kan onder meer bestaan uit administratie, belastingaangiften, facturen, overeenkomsten, bankgegevens, e-mails, berichten en andere digitale gegevens.

Ook verklaringen van bestuurders, werknemers, accountants, klanten, leveranciers of andere betrokkenen kunnen een rol spelen.

Een fout of onregelmatigheid betekent niet automatisch dat een strafbaar feit kan worden bewezen. Er moet bijvoorbeeld worden gekeken naar wie verantwoordelijk was voor een bepaalde handeling, wat iemand wist en of het vereiste opzet kan worden bewezen.

Waar hangt de straf bij een economisch delict van af?

Welke straf of maatregel kan worden opgelegd, hangt af van het strafbare feit en de omstandigheden van de zaak.

Daarbij kunnen onder meer de ernst en duur van de overtreding, eventueel behaald financieel voordeel, de rol van de verdachte, eerdere veroordelingen en de gevolgen van het handelen een rol spelen.

Afhankelijk van het strafbare feit kan bijvoorbeeld een geldboete, taakstraf of gevangenisstraf worden opgelegd. Ook kan beslag worden gelegd en kan het Openbaar Ministerie in bepaalde zaken proberen wederrechtelijk verkregen voordeel af te nemen. Meer hierover leest u bij Ontneming.

Onze aanpak

Financieel-economische strafzaken vragen vaak om kennis van zowel het strafrecht als de bijzondere regels die op de zaak van toepassing zijn.

Wij brengen eerst in kaart waarvan de cliënt precies wordt verdacht en welke regels van toepassing zijn. Vervolgens beoordelen wij het bewijs, de rol van de cliënt en de manier waarop het onderzoek is uitgevoerd.

Bij zaken tegen ondernemingen kijken wij daarnaast naar de verdeling van taken en verantwoordelijkheden binnen het bedrijf en naar de vraag wie voor bepaalde handelingen verantwoordelijk kan worden gehouden.

Wij staan cliënten bij tijdens een politieverhoor, OM-hoorgesprek, behandeling bij de rechtbank en in hoger beroep.

Verdacht van een financieel-economisch strafbaar feit?

Wordt u of uw onderneming verdacht van een economisch of fiscaal strafbaar feit? Bent u uitgenodigd voor een FIOD-verhoor of heeft een doorzoeking plaatsgevonden? Of krijgt u als ondernemer of veehouder te maken met een strafrechtelijk onderzoek door de NVWA?

Neem contact op met Terpstra | Albayrak Strafrechtadvocaten. Wij staan verdachten en ondernemingen door heel Nederland bij in financieel-economische strafzaken.

Veelgestelde vragen

Een economisch delict is een strafbaar feit dat in de Wet op de economische delicten als zodanig is aangewezen. Het kan gaan om overtredingen van allerlei bijzondere regels, bijvoorbeeld op het gebied van milieu, landbouw, dierenwelzijn, voedselveiligheid of bedrijfsvoering.

Als u als verdachte wordt gehoord, heeft u zwijgrecht. U hoeft tijdens het verhoor dus geen verklaring af te leggen. In fiscale zaken kunnen daarnaast verplichtingen bestaan om informatie aan de Belastingdienst te verstrekken. Informatie die eerder op grond van zo'n verplichting is verstrekt, kan onder voorwaarden ook een rol spelen in een strafrechtelijk onderzoek.

Nee. Een fout in een belastingaangifte betekent niet automatisch dat sprake is van een strafbaar feit. Voor strafrechtelijke aansprakelijkheid moet aan de voorwaarden van de strafbepaling zijn voldaan. Daarbij kan bijvoorbeeld van belang zijn of de aangifte opzettelijk onjuist of onvolledig is gedaan.

De NVWA controleert onder meer veehouderijen op dierenwelzijn. Dierenverwaarlozing kan afhankelijk van de omstandigheden bestuursrechtelijk of strafrechtelijk worden aangepakt. Wordt u als verdachte gehoord, dan heeft u zwijgrecht en recht op een advocaat. Het is belangrijk om eerst vast te stellen of sprake is van een reguliere NVWA-controle of van een strafrechtelijk onderzoek.

Ja. Onder omstandigheden kan zowel een onderneming als een persoon binnen die onderneming strafrechtelijk worden vervolgd. Een bestuurder of eigenaar is echter niet automatisch persoonlijk strafrechtelijk aansprakelijk. Zijn of haar daadwerkelijke rol en betrokkenheid moeten worden beoordeeld.

Sinds 1 augustus 2026 geldt een landelijk verbod op consumentenvuurwerk. Consumenten mogen in beginsel geen consumentenvuurwerk meer kopen, bezitten of afsteken. Categorie F1 is uitgezonderd. Voor bepaalde georganiseerde activiteiten kan onder voorwaarden een ontheffing gelden.

Overtreding van het verbod is strafbaar. Afhankelijk van de soort en hoeveelheid vuurwerk en de omstandigheden van de zaak kan dit leiden tot een boete of strafrechtelijke vervolging.

Een economisch delict kan worden opgenomen in de justitiële documentatie. Of en welke gevolgen dit heeft voor een VOG hangt onder meer af van het strafbare feit, de afdoening, het tijdsverloop en het doel waarvoor de VOG wordt aangevraagd.